Spektorren (Dermestidae) staan vooral bekend als opruimers van dierlijk afval, zoals kadavers, restafval in nesten, huiden, wol, hoorn en dierlijke producten in museumcollecties. In herbaria wordt ook plantaardig materiaal gegeten. Megatoma undata is een van de weinige inheemse soorten die in oude nesten van metsel- en behangersbijen ( Osmia en Megachile) kan worden gevonden en soms ook bij maskerbijen Hylaeus in kunstmatige nesten en rieten
daken. De eieren worden gelegd in boorgaten in dood hout. De larven voeden zich vaak met resten van stuifmeel, exuviae, dode bijen en ander dood dierlijk materiaal. Ze zoeken hun voedsel in meerdere nesten. Spektorren voeden zich in bijennesten uitsluitend met afvalproducten en brengen als echte commensalen de nakomelingen van bijen geen schade toe.
Bijenlarven produceren als vegetariërs veel meer organisch afval dan wespenlarven in de vorm van sliertvormige excrementen. In deze uitwerpselen bevinden zich chemische (geur)stoffen (kairomonen) waardoor niet alleen saprofagen en detrituseters worden aangetrokken, maar ook parasitoïden (zie onder). Zowel bij solitaire bijen als bij sociaal levende bijen worden tal van afvalruimers aangetroffen die zich als commensalen of inquilinen tijdelijk of permanent in de nesten ophouden. Vaak zijn deze opruimers keverlarven van de families Dermestidae, Ptinidae en Cryptophagidae. Zij leven van organisch detritus, inclusief de stuifmeelresten, zonder daarbij noemenswaardige schade aan te richten aan het bijenbroed. De relatie met spektorren (Dermestidae) is niet uniek, want zij worden ook gevonden in wespennesten. Spektorren en diefkevers (Ptinidae) worden aangetrokken door geurstoffen uit het nest en laten daar hun voorkeur door bepalen.